Sciadopitys verticillata

De parasolden (Pinus pinea) is een boom uit de dennenfamilie (Pinaceae). Hij wordt ook de Parasolden of Pijnboom genoemd. Het is een conifeer die oorspronkelijk uit het westelijk Middellandse Zeegebied komt en goed bestand is tegen de wind. Sinds de tijd van de Romeinen wordt de boom al aangeplant in kuststreken. De boom kan tot ongeveer 30 m hoog worden.
De Pinus pinea is een opvallende verschijning door zijn groei. De stam groeit redelijk rechtstandig. Boven in de kruin vormen zich de grillige vertakkingen in de vorm van een parasol.
De bloemen zijn eenhuizig. Er zijn dus zowel mannelijke als vrouwelijke bloemen aan de plant. Deze worden bestoven door de wind. De knoppen zijn roodbruin en zijn voorzien van witte rafels. De top van de knop is naar buiten gekeerd. De parasolden heeft donkergroene naalden met een scherpe punt. Ze staan in paren en zijn 12-20 cm lang.
De Pinus Piea groeit goed op arme schrale zandgrond.
De kleur van het boomschors is roodbruin/oranje en de takken zijn licht grijs/groen van kleur. De naalden worden tot 20 cm lang en zijn groenblijvend.
Hij krijgt na de bloei, die duurt van mei tot juni, een bruine ronde kegelvrucht. In deze kegel zitten de zaden die eetbaar zijn en ook wel bekend onder de naam pijnboompitten. Het afrijpen van de vruchten duurt tot voorbij de winter en het volgende jaar zijn deze rijp in mei.
De den heeft opvallende mannelijke bloemen die vaak rood zijn. Ze produceren wolken geel stuifmeel als er een tikje tegenaan wordt gegeven (of als de wind ze beweegt). De vrouwelijke kegels hangen soms wel drie jaar voor ze na rijping afvallen.
Toepassingen:
De boom wordt geplaatst als sierboom in tuinen en parken.
De pijnboompitten kunnen geroosterd worden. Je kunt ze ook onbewerkt eten.
Ze worden gebruikt voor het maken van pesto en tevens als garnering in bijvoorbeeld salades. De zaden (pijnboompitten) worden ook gebruikt om gerechten een nootachtige smaak te geven.
Het geurende hars dient ter vervaardiging van terpentine.
In Zuid-Europa wordt de parasolden vaak aangeplant langs straten, pleinen en in tuinen.
Het hout wordt gebruikt voor meubels en andere doeleinden.