Nootkacipres

Chamaecyparis nootkatensis

Oorsprong:
Westkust van Noord-Amerika

Bijzonderheden:
De naam verwijst naar Nootka Island (nabij Vancouver Island). Daar werd de boom in 1793 ‘ontdekt’.
De nootkacipres  is een soort uit de cipresfamilie. De taxonomie is betwist, waardoor de soort onder verschillende wetenschappelijke namen bekendstaat, zoals Chamaecyparis nootkatensisCallitropsis nootkatensis en Xanthocyparis nootkatensis.

Het is een groenblijvende conifeer die 40 meter hoog kan worden. De boom is doorgaans mooi kegelvormig, met sterk afhangende takken. Het blad is gevormd uit afgeplatte takken, zeer dicht, bestaande uit bladeren in de vorm van schubben van 3 tot 6 mm lang, met een donkergroene, matte kleur. De nootkacipres draagt kegeltjes met 4 – 6 schubben. Eerst zijn de kegels purperkleurig, vanaf het tweede jaar roodbruin.

De nootkacipres komt vooral voor op vochtige plaatsen in de bergen, vaak dicht bij de boomgrens, maar verschijnt ook in lagergelegen gebieden. De oudste nootkacipres – een exemplaar dat meer dan 1800 jaar oud is, groeit in de Caron Range, in het westen van Brits Columbia.

Toepassingen:
De Nootkacipres wordt als sierboom in parken en tuinen geplant.
Hij wordt ook gebruikt als heg.

Het hout is gesschikt voor zowel de bouw als de scheepsbouw. Het is een vrij zachte houtsoort, maar door zijn langzame groei is het dicht en stevig . De kleur is licht. Het is opmerkelijk duurzaam hout en het biedt een goede maatvastheid. Het is resistent tegen zowel insecten als schimmels. De homogene en vrij fijne textuur van dit hout, de uniforme kleur en de rechte nerf zorgen voor een mooie afwerking. Het is bestand tegen afbrokkelen en het is duurzaam.

Vanwege de hoge kosten wordt het voornamelijk gebruikt voor afwerking van timmerwerk. De typische toepassingen zijn onder meer gevelbekleding, vloeren, kale balken, gelamineerde balken , lambrisering, meubels, sauna’s en binnen- en buitenschrijnwerk.

Van het hout werden traditioneel peddels, totems en bogen gemaakt. Het werd in het verleden ook gebruikt om ceremoniële maskers te maken, evenals keukengerei (borden, enz.)